![]() |
|
|
Poëzie van Rien van den Berg
![]() Rien van den Berg draagt zijn gedichten voor
|
Bij deze openlijk gedroomd |
||
|---|---|---|---|
Huis aan een splitsing |
|||
neergelegd – het land beschermend in de holte En wat dan met het land? Wat met de berm, Wat met het pootgoed in de schuur, wat met De man ging langs het huis zonder de ramen, |
|||
![]() |
|||
Geploegde akkers |
|||
|
Het huis daaronder is een graf. Hier loopt Er schuift een reep ondenkbaar hard lichtgroen een boer in vastbeslotenheid heeft doorgewerkt. |
||
![]() |
|||
Zomerdag |
|||
Het land is verkaveld tot hier. Voorbij deze smalle repen beginnen droom en hoop. Het land heeft ademnood van oogst. De zon staat op zijn hoogst. Hier hangt een dankdag in de trillende lucht, een dag waarop we vieren wat ons in de schoot geworpen werd, met volle glazen, de vrienden, de vruchten, een lach en een viool – gewoon omdat het zover is. Omdat het eindelijk zover is. Totdat het zover is ligt het land verkaveld tot hier. Maar er komt een dag, het is bij deze openlijk gedroomd, voorbij de smalle repen, voorbij het land, de zon, de oogst. Er hangt een dankdag in de lucht. |
|||
![]() |
|||
Klaprozenrood |
|||
|
|||